In Het MotorRijwiel nr. 166 publiceerden wij ons negende, 30 pagina’s grote, HMR Dossier: over de 750 cc V-twin zijkleppers van Harley-Davidson, gebouwd tussen 1929 en 1952. Voor dit omvangrijke Dossier vroegen wij lezers die zo’n motor hebben of hebben gehad, hun ervaringen aan ons mee te delen. De reacties die daarop kwamen, hebben we hieronder nog eens bij elkaar gebracht, met de foto’s die de inzenders bijsloten.


Reacties

Ken Lautenslager

Ik heb 3 Liberators (1941, 1943 en 1945). D 45er heb ik in 1971 gekocht en heb ik nog steeds. Daar rijdt mijn schoonzoon nu op. Mijn zoon heeft ook een Liberator( verchopt), mijn andere schoonzoon heeft ook een Liberator. Dus al met al hebben we er 5 in de familie. We rijden allemaal Harley, behalve mijn vrouw; haar Harley hebben we afgelopen jaar verkocht vanwege dat zij niet meer rijdt( twee kunstheupen). De liefde voor Harley was er al jong; vanaf mijn twaalfde wilde ik al graag Harley rijden, door de verhalen van mijn opa, die in Indonesië Harley’s had gereden. Nadat ik aangereden was door een Chevrolet Camaro stond de Liberator tot begin jaren ’80 gedeukt in de schuur. Via Larry Elias, die mij hielp met onderdelen om de Liberator weer rijklaar te krijgen, werd ik in 1981 lid van de H-D Club The Oldtimers. In 1986 werd ik secretaris van de club en we ondernamen reizen naar Polen, Tsjechoslowakije, Italië, Frankrijk en er waren natuurlijk de eigen treffens en de clubavonden. Ik kan wel zeggen dat de Oldtimers hebben meer vrienden en kennissen hebben opgeleverd dan ik ooit gedacht zou hebben.



Adriaan Kragten

Mijn opa en oma Kragten woonden in Haarlem en we gingen er geregeld met de trein naar toe. We liepen dan van het station naar de Zomervaart waar zij woonden. Ergens in de binnenstad zag ik op een gegeven moment in een voortuintje een oude motor onder een zeiltje staan. Het bleek een hele oude Harley Davidson te zijn die werkelijk spijkerverroest was. Op de terugweg kon ik het niet laten om nog een keer naar dat ding te kijken en aan te bellen met de vraag of hij te koop was. De eigenaar was thuis en vertelde dat hij daar al een paar jaar stond maar dat hij hem nooit aan de praat gekregen had. Hij had er wel een nieuwe carburateur op gezet maar dat hielp niets. Hij was te koop voor het luttele bedrag van 50 gulden. Dat kon ik niet laten lopen en ik heb hem meteen gekocht en hem door Van Gent en Loos naar Eindhoven laten brengen. Er zat gelukkig wel een kenteken bij en hij bleek van 1936 te zijn. Het was nagenoeg hetzelfde type als de Harley WL waarvan er in de oorlog duizenden gebouwd zijn en waarvan er zelfs nu nog heel wat rond rijden. Dit was nu het ultieme sleutelgenot. Hij ging werkelijk helemaal uit elkaar. Alle oude verf werd verwijderd met oplosmiddel, een staalborstel en schuurpapier. De motor was behoorlijk versleten. Bij mij in de buurt woonde Maurice van de Berg en die handelde in Harleys, toen nog in een schuur achter in de tuin. Van de legertypen had hij dozen vol met oude voorraad uit de oorlog liggen en daar heb ik een stel nieuwe zuigers, cilinders en kleppen gekocht. Die zaten helemaal dik in het vet en dat kreeg je ervan af door ze in een ketel kokend water te leggen. Hij kon ook een nieuwe krukas met drijfstangen leveren maar dat werd me te gortig. Er zat veel te veel speling op de drijfstanglagers maar dat heb ik opgelost door bij Maaskant in Rotterdam, overmaat rollen te bestellen. De slijtage zat vooral in de rollen en maar heel beperkt in de drijfstangen en de krukpen. De krukas was deelbaar en de componenten zaten met conische passingen aan elkaar. Daardoor kon ik de zaak zelf demonteren en weer monteren. Ik had goed gegokt welke overmaat van de rollen nodig was en toen de zaak weer in elkaar zat, waren de drijfstangen precies spelingvrij. Het meeste werk zat in het schoonmaken en verven van alle onderdelen. Alle framedelen werden zwart geverfd met de kwast maar de rest besloot ik turkoois te spuiten want dat was de lievelingskleur van mijn vriendin José (waar ik later mee trouwde). Ik had een verfspuit die werkte op een stofzuiger. Ik mocht niet in de schuur spuiten en had daarom buiten, tussen de heg en de schuur, een afdakje gemaakt. Daar heb ik alles gespoten en de heg had daarna een vreemde kleur groen. Alle gespoten onderdelen hing ik te drogen aan de waslijn die op een gegeven moment helemaal vol hing. Alleen knapte de waslijn plotseling waarna alles in het gras lag. Ik kon wel janken en ik kon weer helemaal van voren af aan beginnen. Bepaalde onderdelen, zoals de veren van de Webvoorvork, het kapje van de dynamo, de koplamprand en de versnellingspook heb ik laten verchromen. Er kwamen nieuwe banden en een nieuwe ketting op en toen alles na maanden werk weer gemonteerd was, zag hij er fantastisch uit. Toen moest hij voor het eerst gestart worden. Van Maurice had ik een oud instructieboekje geleend waarin stond hoe dat moest. Het was een heel gedoe en de motor wilde niet aanslaan. Uiteindelijk hebben we hem aangeduwd maar hij liep maar op één pit. De uitlaat van de andere cilinder werd roodgloeiend en er was dus iets helemaal fout met de ontsteking.          Ik heb de afstellingsprocedure van de ontsteking toen nog eens een keer nauwgezet doorgelezen en toen bleek dat ik me met een cilinder vergist had. Daardoor stond er één cilinder goed maar van de andere klopte helemaal niets. Hij had geen automatische vervroeging maar de vervroeging werd ingesteld met een draaihendel op het linker handvat.
Er liep een massieve dunne draad van dit handvat naar de plaat waar de contactpuntjes op zaten en die plaat zat helemaal verkeerd. Toen ik die goed afgesteld had, liep hij opeens perfect wat ook te danken was aan het feit dat de vorige eigenaar er een nieuwe carburateur op gezet had. Het rijden met een Harley was in het begin helemaal niet gemakkelijk omdat hij handversnelling en voetkoppeling had, maar na enige tijd raakte je daar toch aan gewend. Er zat een enkel zweefzadel op. Je kon wel een klein zitje maken op het achterspatbord maar mijn vriendin had daar geen zin in. Je had ook tweepersoons zweefzadels met extra zware veren maar die kostten een vermogen. Ik heb toen het originele zweefzadel naar achteren verlengd en er aan de voorzijde een smal plankje met schuimrubber en skaibekleding aan toegevoegd. Het gevolg was dat mijn vriendin nu perfect zat maar dat ik zelf na verloop van tijd een houten kont kreeg. Maar je moet wat voor je liefje over hebben.



Ron Vogel

Hierbij mijn kort verhaal betreffende HD 750. Ik zag in de 50er jaren stoere mannen op de opgetuigde Harley's rijden bij ons in Amsterdam, dat moest ik ook als ik groot zou zijn. Mijn 1e liberators was er in 1965, nog net geen 18, maar toch, een ex-politiemotor voor 45 gulden.
De volgende jaren vele gekocht opgeknapt,  verkocht, sommige naar het oude ijzer. Toen 15 jaar geen motor. Na de kinderen etc. Eind 80er jaren weer een WL 47 in onderdelen gekocht en opgebouwd. Daarmee ruim 100.000 km mee door heel Europa op vakanties met vrouw, en ook met vrienden. (Frankrijk, Spanje, Italië, Kroatië etc.) In de loop der jaren kwamen er nog enkele WLA's bij. Heden heb ik nog een WLA type 1A (2 x  naar Normandie gereden) en een FLH 1973 (vorig jaar naar en van Alicante gereden).


Warning: mysqli_fetch_array() expects parameter 1 to be mysqli_result, boolean given in /home/motorhmr/domains/motorrijwiel.nu/public_html/dossier.php on line 77


Wim Klarenbeek

Als jongen van 16 zag ik tijdens een Harley meeting een aantal WLA's voorbijkomen en omdat voor mij net als voor veel anderen deze motor synoniem stond voor de bevrijding van Europa nam ik mij voor om "ooit" zo'n Liberator aan te schaffen. Dat het een burgeruitvoering werd, de WL dus, mag de pret niet drukken. Na jaren van wikken en wegen en zoeken naar de juiste vond ik mijn WL bij Jan Kennis van O.I.T. uit Breda. Ik had mijzelf voorgenomen dat als er ooit een WL zou komen deze dan ook bij Jan zou worden aangeschaft. Jan was altijd al gekker van de oude Harley's dan van de nieuwe modellen en kon daar uitvoerig over vertellen. De motor stond er al een tijdje en zag er niet super uit maar volgens Jan was het een goeie, en Jan kon het weten. Er werd een prijs afgemaakt en bij het ophalen zou ik uitleg krijgen over de bediening van de machine. Zo gezegd zo gedaan, een week later, midden in de winter met sneeuw en ijs, ja dat bestond een paar jaar geleden nog..
kwam Jan naar buiten en demonstreerde hoe om te gaan met de WL. Dat dit nog niet zo simpel was werd mij al snel duidelijk. Nadat Jan het 1 keer had voorgedaan hoe te starten en te schakelen, klonk het, "zo, en nu jij vriend". Tot ieders verbazing reed ik weg en ging snel de hoek om zodat niemand mij kon zien voor het geval dat ik mij zou blameren in het zicht van het publiek. Gelukkig bracht ik het er heelhuids vanaf en kwam terug naar de zaak gereden. Jan vroeg of hij de motor naar huis moest brengen gezien het slechte weer, waarop ik zei dat dat niet nodig was, nu ik wist hoe de machine werkte kon ik net zo goed zelf met de motor naar huis rijden. Achteraf niet zo'n slimme zet omdat de mensen onderweg geen rekening houden met motoren zonder abs en andere moderne fratsen. Het werd een spannende rit naar huis en kwam wonder boven wonder heelhuids thuis samen met mijn WL. Nu was Jan Kennis in die tijd al enige tijd ernstig ziek, en ik heb hem na de aanschaf nog 1 keer gezien alvorens hij overleed. Ik kreeg toen nog een doos onderdelen van hem omdat hij wist dat de motor een goed thuis had gevonden.  Ik heb al veel motoren in bezit gehad maar dit blijft de meest speciale. Snel is ze niet, eigenlijk voor mij net iets te klein, maar de vervulling van mijn jongensdroom weegt daar tot de dag van vandaag tegen op. Het is voor mij the ultimate Harley-Davidson.


Warning: mysqli_fetch_array() expects parameter 1 to be mysqli_result, boolean given in /home/motorhmr/domains/motorrijwiel.nu/public_html/dossier.php on line 77


Wim Grouwels

Harley 750 zijkleppers? Hoeveel wil je er hebben..... Midden jaren 80 kocht je ze per kavel voor weinig. Bij de douane in Groningen werd het komplete kavel ingeklaard, een stuk of 20.
Daarna werden ze in de verkooploods opgesteld in volgorde van vraagprijs. Hoe completer hoe duurder, vanaf ongeveer 2000 gulden tot zo'n 5000. Let wel guldens. Kom daar nog maar eens om voor zo'n prijs. Mensen stonden in de rij. Alles werd in één run verkocht. Ze zagen er niet uit, maar waren compleet origineel en een enkeling kon na wat tlc nog draaien ook.
Ik heb de mijne al 38 jaar.


Warning: mysqli_fetch_array() expects parameter 1 to be mysqli_result, boolean given in /home/motorhmr/domains/motorrijwiel.nu/public_html/dossier.php on line 77


Pascal Leever

Als bezitter en gebruiker(!) van een koppel H-D's, hoop ik wel een aanvulling op het dossier te kunnen geven.
Ik heb een (hier in Europa zeldzame) 1941 WLA/ 41WLA uit juni 1941 en een bekendere 42WLA uit februari 1945. Beide beter bekend onder hun geuzennaam "Liberator", beide ook in uniform.
Alle Harleys ná 1937 hebben een 'dry-sump'-smeersysteem, waarin de olie van olietank door het motorblok en weer terug naar de tank gaat. Minder onderhoudsintensief dan het tot dan gebruik(te/elijke) 'total-loss'-systeem, waarin olie uiteindelijk op straat belandde.. Maar ook meteen de grootste Achilleshiel van 'moderne' H-Ds..; bij langere stilstand kunnen de pompjes de olie niet tegenhouden en loopt het blok vol, beter bekend als 'sumping'. Dit speelt ook bij andere merken met eenzelfde systeem, zoals menig oudere Brit.
Een volgepakte 750 militaire zijklepper is niet snel, als het moet is er een goeie 75mph of 120kmh uit te persen, een burgerversie met andere carburateur en hoge compressie koppen haalt de 85mph/ 135 kmh. Maar dat moet je zo'n oude dame niet aandoen; 80-90kmh houdt het beestje járen vol, de berijder ook.. Perfecte onthaastfiets voor de secundaire wegen.
Het is uiteraard een bewerkelijke motorfiets, net als meer leeftijdsgenoten; ontsteking die handmatig versteld moet worden, en niet te vergeten handschakeling en voetkoppeling.
Deze voetkoppeling wordt vaak ten onrechte aangeduidt als 'suïcide-clutch', maar dat hadden alleen de racers en latere driewielers/Servicars. Het originele koppelingspedaal blijft in elke stand staan dmv frictieplaten, dus met ingeschakelde versnelling je voet van het pedaal halen in ontkoppelde stand is geen enkel probleem; de motor blijft gewoon staan en schiet niet spontaan de kruising over. Qua onderhoud wijkt de 750 niet af van een andere oude fiets; oliewissel om de 2500km (want geen oliefilter). Eens per jaar met de vetspuit een beetje vet in de nippels drukken en de ketting smeren.
Rond de remmen rust ook zo'n fabel; die zouden minder doen dan remmen met de klompen..
Onzin natuurlijk; ik heb geen enkele moeite om voor en achter geblokkeerd te krijgen.
Da's wel een dingetje met glad wegdek trouwens..; zo'n trommel wil wel happen.. Goed anticiperen en niet hard ineens het hendel of pedaal bedienen, dan wil zo'n beestje echt wel remmen. Uiteraard niet vergelijkbaar met zo'n raceraket van nu met een radiaalremtang...maar toch.
Een goed gereviseerd motorblok is bij gemiddeld gebruik goed voor 30-50k kilometers, er zijn exemplaren die het dubbele gedraaid hebben. Goed ontkoppelen en rustig schakelen geeft de bak ook een lange levensduur; de clutches die de constant mesh-tandwielen borgen op de as zijn erg gevoelig voor ramwerk..
Een 45" loopt bij gemiddeld gebruik ongeveer 1 op 15, olieverbruik is ongeveer een liter op de 1000km. De zijklepper loopt op alles wat geen water of zonnebloemolie is ongeveer en is heel vergevingsgezind. Mensen vinden het mooi om oude V-twins zo laag mogelijk stationair af te stellen, maar dit is funnest voor het bigend en levert startproblemen op. Dit moet je alleen doen bij maximale ontstekingsverlating. Dit verlaten helpt bij starten en bij dreigend pingelen, veel mensen gebruiken het niet eens.
Als tiener ooit mee mogen rijden 'in het bakkie' van een 'Liberator', sindsdien stond deze bovenaan mijn lijstje. Niet goedkoop in aanschaf, maar eenmaal in gebruik valt het echt mee.
Ik heb ook moderner spul ernaast staan, maar grijp toch het liefst een zeven-en-een-half uit de stal. Ik ben lid van Keep them Rolling, en rij vele ritten mee als MP. De reacties van mensen op de motor is geweldig, je moet je wel beseffen waarmee je onderweg bent. Ik heb geen foto van mezelf op de fiets, wèl van mijn zoon op de '41-er tijdens restauratie/opbouw.


Warning: mysqli_fetch_array() expects parameter 1 to be mysqli_result, boolean given in /home/motorhmr/domains/motorrijwiel.nu/public_html/dossier.php on line 77


Martin Verhoeven

Ik ben in bezit van een Harley-Davidson WLH uit 1950, dit is 1 van de 425 Harley’s die zijn geleverd aan de Marechaussee, dus nieuw geleverd en niet geïmporteerd, dat maakt deze dus weer wat bijzonderder.Mijn kenteken is afgegeven in 1960 dus is deze 10 jaar in het bezit geweest van de Marechaussee. Ik heb deze motor 16 jaar in bezit en heb er nooit problemen mee gehad, gelukkig maar want heel erg technisch ben ik niet. Het type WLH is bij velen onbekend dus ik zou het best leuk vinden als jullie daar ook aandacht aan besteden. Complimenten nog aan dit mooie tijdschrift.



Frank Zijp

In 1972 kocht mijn vader Jos zijn eerste motor, een Harley-Davidson 750 cc WLC uit 1942 en volgens het linnen kenteken ooit van de gemeentepolitie van Dordrecht geweest. Met technische hulp van een 15-jarige buurjongen leerde hij de motor een beetje kennen. Toen de buurjongen een jaar later met zijn ouders weer terug naar Canada emigreerde stond hij er alleen voor. Op jonge leeftijd zat ik al tussen mijn ouders op het grote duozadel en heb vele treffens van de Harley-Davidson Club Nederland afdeling Haarlem bezocht. Rond mijn achttiende beloofde mijn vader dat ik de Liberator zou krijgen als ik dat jaar mijn schooldiploma zou behalen. Dit liet ik mij natuurlijk geen tweede keer zeggen. Ik moest natuurlijk ook nog wel even mijn motorrijbewijs halen op een moderne Japanse Kawasaki. Het eerste ritje op een motor met tankversnelling en voetkoppeling vergeet je nooit meer. Het was nog in de tijd van de 60-dagenkaart en ik was bang dat ik er tekort aan zou hebben. In 2007 nog een compleet gerestaureerde 1942 WLA gekocht. Deze motor bleek echter een totaal ander karakter te hebben en is inmiddels weer verkocht. Nu 32 jaar verder is hij voor de tweede keer in burgeruitvoering gerestaureerd en wordt hij een paar keer per jaar gebruikt voor een historisch ritje in de kop van Noord-Holland.



Jack van Emst

Eind 1979 kocht ik een “zoldervondst” 1950 Harley  WL 750, uit een partij ex-Belgische politiemotoren, welke in 1967 door Maaskant Rotterdam zijn “verburgerd” en op opvolgende NL kentekens gezet, beginnend met VL. Met nieuw scherm en leren spijkertassen voor ƒ800,- werd het in onderdelen zijnde geheel bij mij thuis bezorgd, en binnen enkele maanden en wat aanvullende onderdelen was ze rijklaar in blauw. Mijn eerste werkplaatsboek was de bouwtekening van het Revell model, die ik eerst had gebouwd. In de vroege jaren ’80 een eerste kleine eigen revisie en eind jaren ‘90 een totale motorrevisie bij Hoekstra in Gameren, de motor loopt inmiddels rood gespoten nog steeds prima. Onderhoud en reparaties in eigen werkplaats of soms langs de weg, en er ligt nog een voorraad reservedelen op de plank. In de vroege jaren ’80 een zijspan aangehangen, en een achteruitversnelling gemonteerd. Na een paar jaar weer solo verder, de Harley staat binnen en doet het altijd, wel op tijd afstellen en SAE 50 olie verversen, en regelmatig alle bouten en moeren controleren op lostrillen. Aanpassingen aan de tijd: compressie verhoogd en primair 1” belt “overdrive”, snellere venturi, kunststof vlotter (rubber Ducky) i.p.v. kurk, brandstof 98 met loodtoevoeging, bougies Champion D14, Led verlichting (kan altijd aan), electronische spanningsregelaar, Ferodo “zachtere” remvoering voor betere werking, hydraulische “repro” demper op de springer voorvork, verhoogd stuur op risers. Banden Avon Roadmasters 1980, 500x16 op Akront aluminium velgen met rvs spaken. Ik kan op de snelweg tot 100 kruisen, maar binnenwegen genieten mijn voorkeur. Aangezien er meer motoren staan rijd ik er niet heel veel km mee, maar ik ben altijd weer verrast door het soepele rijgedrag  en prachtige motorgeluid, ik durf er nog steeds overal mee naar toe! Pech: enkele verloren of/en losgelopen bouten/moeren, een vakantie verstoord door een nieuwe slechte repro bobine (elke 30 km vielen de vonken uit), 1 x zuigers vastloper door oververhitting met zijspan.



Edgar van Oord

Mijn vader reed H-D en toen ik wilde motorrijden in 1971 zocht ik en kwam toevallig bij een H-D uit. Ik heb op een 750 cc WLC jaren gereden zonder rijbewijs met een blauwe L met toestemming op een bepaald traject. Ik heb deze motor nog steeds!! Ik geniet van de techniek, het geluid en de makkelijke manier van onderhoud (?!?!?!?), te volgen techniek en goed te verkrijgen onderdelen. Inmiddels actief lid van de Silent Gray Fellows in Chaam, ben ik in het bezit van een WLA, een UL en een in opbouw zijnde WLD maak ik veel ritten samen met andere genieters, naar Italië, Duitsland, Luxemburg en Frankrijk. Motoren met karakter, die moeten rijden en niet pronken in de huiskamer of een museumachtige ruimte.



Henk Blok

Ik had eens tegen mijn schoonzoon gezegd: als je ergens in een schuur een oude motor ziet staan dan moet je het door geven. Een hele tijd later kwam hij op een vrijdagavond langs met een visitekaartje, deze man moet je even bellen. Hoezo vroeg ik aan hem, nou die kan voor jou wel eens iets heel leuks hebben staan. De volgende dag heb ik de man gebeld en ben ik er ‘s middags heen gereden. Het was een bedrijf in Lelystad waar hij stond: een WLA 750 van 1950 met een ijsbaanschuiver. Hij vertelde dat hij van de ijsvereniging Lelystad was, maar dat de man die er verstand van had en er op reed was overleden. Verder kon niemand er op rijden, laat staan hem starten. Na wat heen en weer gepraat heb ik hem gekocht en mee genomen. Thuis gekomen schone benzine in de tank, vlotterkamer schoon gemaakt en starten, dat viel niet mee. Als je geen Harley-kenner bent dan is het heel wat trappen, maar we kregen hem aan en zo bij als een klein kind. Maar hij stond rondom op spijks en dat rijdt toch niet zo lekker, dus het zijspan er af gehaald en andere banden er om. Nog wat dingen gedaan zoals spartbordbeugels en een nieuwe uitlaatdemper en op naar de RDW. Nadat hij goed gekeurd was konden we er lekker op toeren en zo ook regelmatig de Elfstedentocht (zonder schuiver). Af en toe gaat de schuiver er nog eens aan zoals ook te zien is op youtube: harley davidson wla 50 ijsbaan schuiver 2009. Ook was ik uitgenodigd op het 125-jarig bestaan van ijsvereniging Abcaude (26 jan 2020 ) waar ze probeerden zoveel mogelijk schuivers bij elkaar te krijgen. Zelf heeft de vereniging er ook een. In totaal hadden ze er 4 gevonden. Ik hoorde het via mijn vriend en ben gaan bellen. Ik zou er heen gaan met mijn (de vijfde) combiantie, alleen door persoonlijke omstandigheden moest ik thuis blijven. De Harley heeft dienst gedaan in België bij de Politie (de Zwaantjes). In 1960 is hij opgekocht en naar          
een smid in Friesland gegaan en daar voorzien van een Hollandia frame en een schuifbord en een aangedreven bezem. Hoeveel er gebouwd zijn weet ik niet precies, maar ik heb ooit gehoord van een stuk of 10. Ze werden in gezet om de ijsbanen    
en meren sneeuw vrij te houden voor schaatsend Nederland.




terug